Gedragswetten

Gedragswetten voor gedragsverandering

Zonder water niet varenGewoonten zijn heel nuttig. Vliegen op de automatische piloot is efficiënt, want het vraagt geen bewuste inspanning. Vandaar dat we zonder gewoonten nauwelijks de dag doorkomen. De keerzijde is dat het lastig lijkt om ze te doorbreken. Velen worstelen met het afkomen van bestaande praktijken. En dat is onnodig. Gewoonten zijn geen onwrikbare lotsbestemmingen. Ze kunnen worden vervangen door de gewoontelus van prikkel, routine en beloning in samenhang aan te pakken. Daarbij gelden de volgende gedragswetten.

Routines worden altijd geprikkeld

Gedrag wordt altijd opgeroepen door iets of iemand. Lichaam, eigen gedachten en omgeving concurreren continu om aandacht van het onbewuste. Routines veranderen is het dus zaak om met deze prikkels aan de slag te gaan. En wel tweeledig. Haal allereerst prikkels weg die oud gedrag onbewust uitlokken. Zo vereist het stoppen met een slechte gewoonte dat het gewraakte niet meer in huis wordt gehaald, iemand een andere route gaat lopen of verhuist naar een andere sociale omgeving. Een ander voorbeeld is het aanpassen van perverse regels. Helaas gebeurt dit laatste niet in het bankwezen, waardoor er in gedrag niets verandert. Ten tweede organiseer de prikkels die nieuw gedrag stimuleren. Pas fysieke ruimten aan, speel met de samenstelling van groepen, stel andere regels en infecteer het denken met passende inzichten. De werking van deze prikkels is nader uitgelegd in ‘Hoe gedrag eenvoudig verandert’ en ‘Hoe gedrag integraal verandert.’

Trachten gedrag in de hand te houden loopt geheid uit de hand.

Routines zijn aangeleerd

Reflexen zijn aangeboren en routines zijn aangeleerd. Zelfs afleren is aangeleerd. Denk maar eens aan aangeleerde hulpeloosheid en geen initiatief nemen. Is eenmaal het neurale pad ingesleten dan komt een gewoonte niet zomaar te vervallen. Het is dus geen kwestie van loslaten, maar van loskomen. Ingesleten paden moeten uitdoven door nieuwe verbanden te leggen tussen prikkel en een set van handelingen. Dat kan overigens ook niet handelen zijn. Bij gedragspatronen doorbreken gaat het om bestaand gedrag te vervangen door nieuw gedrag. Dat is niet afleren of aanleren, maar omleren.

Omleren is eigen maken

Routine valt van buitenaf soms te beïnvloeden, echter zelden duurzaam te veranderen. Interveniëren is namelijk niet internaliseren. Daarvoor moet iemand zelf de handen uit de mouwen steken en gaan oefenen. Alleen dan kan iemand loskomen en boven zichzelf uitstijgen. Om dat te doen moet degene eerst weten om welke zienswijzen en praktijken het gaat. Iemand kan pas beginnen met oefenen als degene een concreet beeld heeft van hoe anders te gaan gedragen. Abstractie is zodoende funest. Vervolgens vergt het eigen maken bewuste aandacht, ofwel met het denken aan. Doorbreken van gewoonten houdt in willens en wetens van het gebaande pad af gaan en gaandeweg een eigen weg (in het brein) gaan banen. Waak daarbij voor terugval in oud gedrag. Onderweg ligt de veel bereden snelweg altijd voor het ondoordachte grijpen. En vergeet niet om genomen stappen (zelf) te belonen. Belonen is essentieel om nieuwe routines in de hersenen te bekrachtigen.

Remmen belemmert gas geven

Remmingen zijn van levensbelang voor zelfbehoud. Stoppen, stilstaan en weigeren voorkomen het roekeloos uit de bocht vliegen. Echter, ze kunnen ook de persoonlijke ontwikkeling de das om doen. Om gedrag te kunnen veranderen moet de rem er dus af. Nu blijkt dat remmingen twee gedaanten hebben. De eerste is die van dysfunctionele gedachten of denkfouten. Neem als voorbeeld de baas moet het regelen of de organisatie moet het doen. Dit soort opvattingen zetten niet aan tot nadenken en aan de slag gaan. De tweede vorm is ongeloof in het eigen vermogen om te veranderen. Onvoorwaardelijk geloof in eigen leervermogen en het gevoel van controle hebben over de persoonlijke ontwikkeling zijn cruciaal om zich over de eigen drempels heen te zetten en bij tegenslag door te blijven gaan.

 

Met het veranderstuur in eigen hand is het de vraag wat nog de rol van management is? Management is er om concreet oud en nieuw gedrag voor te stellen onder het mom van ‘kleine stappen, snel thuis.’ Daarnaast is management er om de nodige condities voor succesvol veranderen te organiseren, zoals het weghalen van prikkels die oud gedrag oproepen en het aanbrengen van stimulerende prikkels. Tevens kan management een belangrijke rol spelen in het verhelpen van remmingen. Verder is er de rol van voordoen. Dat is niet praten over een gedragsverandering, maar zelf als eerste anders gaan gedragen. Ga dus voor de verandering eens anders veranderen. Dan zal het veranderen heel anders verlopen.

Maak veranderen een gewoonte